via Armoiries | Maison royale


Depuis 1907, les armoiries royales comprennent un lion d’or portant la couronne de comte sur un champ d’azur semé de billettes d’or. Le terme ‘semé’ utilisé en héraldique implique que le nombre de rectangles d’or (les billettes) n’est pas fixé, certains d’entre n’étant donc que partiellement figurés. L’écu est tenu par deux lions représentés de profil, et surmonté d’une couronne royale. Il repose sur un listel portant la devise ‘Je maintiendrai’.


Armoiries royales des Pays-Bas
Armoiries royales des Pays-Bas
Symbolique

Le lion figurant sur l’écu tient une épée et un faisceau de sept flèches. Le lion vient des armes de la maison de Nassau, l’épée et le faisceau de flèches sont ceux du lion des armoiries des États généraux à l’époque des Provinces-Unies. Les sept flèches représentent les sept provinces et la force de leur union: isolées, les flèches sont fragiles; ensemble, elles constituent une grande puissance. La couronne et le manteau d’hermine soulignent la dignité royale de la maison d’Orange-Nassau.

Je maintiendrai

En 1815, le roi Guillaume Ier a intégré aux armoiries royales la devise ‘Je maintiendrai’, qui est celle de la maison d’Orange-Nassau depuis le stathouder Guillaume Ier. Elle apparaît sous la forme ‘Je maintiendrai Nassau’ dans les armes choisies par Guillaume d’Orange, le dernier terme étant ensuite abandonné par ses successeurs.

Dans une lettre de janvier 1565, le prince explique ainsi le sens de la devise :

‘Je maintiendrai la vertu et noblesse.

Je maintiendrai de mon nom la haultesse.

Je maintiendrai l’honneur, la foy, la loy

de Dieu, du Roy, de mes amys et moy’.

Capture d'écran du site officiel de la Maison royale des Pays-Bas
Capture d’écran du site officiel de la Maison royale des Pays-Bas

Je Maintiendrai
De wapenspreuk ‘Je Maintiendrai’ (Ik zal handhaven / I will maintain) is sinds stadhouder Willem I de wapenspreuk geweest van het Huis Oranje-Nassau. Hij had met het Prinsdom Oranje de spreuk geërfd van zijn neef René van Chalon.

Koning Willem I nam in 1815 de spreuk over in het Koninklijk wapen.

De laatste Prins van Oranje uit het Huis Chalon was Filibert van Chalon. Hij stierf kinderloos in 1530. Zijn erfgenaam was zijn neef René van Nassau, zoon van graaf Hendrik III van Nassau en Filiberts zuster Claudia van Chalon. René erfde dus het Prinsdom Orange. Voorwaarde was dat hij de naam en het wapen van Chalon zou aannemen. Hij is daarom bekend onder de naam René van Chalon. En hij nam het wapen van Chalon aan, met het devies ‘Je maintiendray Châlons’.

Toen René in 1544 zelf ook sneuvelde zonder legitieme kinderen na te laten, was zijn neef Willem van Nassau zijn erfgenaam, zoon van zijn oom Willem ‘de Rijke’ en Juliana van Stolberg. Deze erfgenaam werd bekend als Willem van Oranje. Willem van Oranje nam een eigen wapen aan, en veranderde het devies van René in ‘Je maintiendray Nassau’. Door zijn opvolgers werd het woord Nassau weggelaten.

Prins Willem van Oranje heeft in een brief uit januari 1565 een verklaring gegeven van de betekenis van deze wapenspreuk:

‘Je maintiendrai la vertu et noblesse.
Je maintiendrai de mon nom la haultesse.
Je maintiendrai l’honneur, la foy, la loy
de Dieu, du Roy, de mes amys et moy.’

Bij de vestiging van het Koninkrijk der Nederlanden in 1815 is het wapen van het Koninkrijk vastgesteld, dat tevens het wapen van de Koning is. Later zijn er nog enkele wijzigingen in aangebracht, maar altijd heeft het devies ‘Je Maintiendrai’ er onderdeel van uit gemaakt.